Privacy beslagvrije voet

Welke gegevens worden gebruikt voor de beslagvrije voet?

Voor een juiste beslagvrije voet worden gegevens gebruikt uit de BRP (voorheen het bevolkingsregister) en de UWV polisadministratie (een register waarin de meeste Nederlandse inkomensgegevens worden opgeslagen). Het verwerken van deze gegevens is nodig voor het berekenen van de beslagvrije voet. Dat gebeurt onder strikte voorwaarden en normen, namelijk om de beslagvrije voet eenvoudiger en op de juiste manier te kunnen berekenen. Heeft u een beslagvrije voet ontvangen, dan komen ook uw gegevens uit de BRP en UWV polisadministratie, die u kunt terugvinden op de modelmededeling beslagvrije voet. 

Wie mogen uw gegevens gebruiken?

De instanties die uw beslagvrije voet vaststellen mogen uw gegevens gebruiken uit de BRP en de UWV polisadministratie. Dat is zo geregeld met verschillende wetten zodat deze instanties hun taken goed kunnen uitvoeren. U hoeft daarvoor geen toestemming te geven. De belangrijkste wetten voor het gebruik van persoonsgegevens bij de beslagvrije voet zijn de AVG (Algemene verordening gegevensbescherming) en de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet. Deze wet voorziet er namelijk in dat persoonsgegevens op dezelfde manier worden verwerkt om de beslagvrije voet te berekenen.

De instanties die de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet uitvoeren (het beslag) houden zich daarbij aan de privacywet en hun wettelijke taken. Onder deze instanties in de beslagketen vallen: de Belastingdienst, UWV, Sociale Verzekeringsbank, Centraal Justitieel Incassobureau, Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, (gerechts)deurwaarders die aangesloten zijn bij de Koninklijke Beroepsorganisatie van gerechtsdeurwaarders, en alle Nederlandse gemeenten en Waterschappen.

Hoe werkt dit?

De taken van de verschillende instanties die persoonsgegevens mogen verzamelen en gebruiken zijn verschillend. De ene instantie verzamelt inkomensgegevens, de andere instantie heeft gezondheidsgegevens nodig bijvoorbeeld voor een ziektewetuitkering. Deze instanties houden zich daarvoor aan de wetten en hun taken. U vindt de gebruikte gegevens terug op de modelmededeling beslagvrije voet. Voor de beslagvrije voet is een aantal gegevens nodig. Dat zijn onder andere gegevens uit de BRP over de leefsituatie, zoals de samenstelling van een huishouden, aantal thuiswonende kinderen of een geregistreerd partner. Daarnaast worden gegevens gebruikt over het inkomen, zoals loon of een uitkering. Deze gegevens zijn door een instantie verkregen via de werkgever of een uitkeringsinstantie.

Welke persoonsgegevens gebruikt mogen worden door een instantie hangt dus af van haar taak. Voor de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet is het gebruik van gegevens beperkt tot gegevens die in de BRP en UWV polisadministratie beschikbaar zijn voor het berekenen van de beslagvrije voet. De instanties die tot de beslagketen behoren gebruiken daardoor altijd dezelfde gegevens die in de BRP en UWV polisadministratie staan. Het is daardoor mogelijk dat alle instanties één juiste beslagvrije voet berekenen en zijn er in de meeste gevallen geen extra gegevens nodig. 

Meer informatie vinden?

Als u meer wilt weten over het gebruik van uw persoonsgegevens kijk dan op de website van de instantie die u de modelmededeling beslagvrije voet stuurde. Voor het inzien van uw persoonsgegevens neemt u ook met deze instantie contact op. U vindt de contactgegevens in de brief bij de modelmededeling. Voor de overheidsregels voor het verwerken van persoonsgegevens kunt u ook terecht op rijksoverheid.nl

Meer informatie over het gebruik van persoonsgegevens in de BRP vindt u op de pagina BRP van de rijksoverheid.

Meer informatie over de bescherming van gegevens in de UWV polisadministratie vindt u hier.